De legende over het monster van Loch Ness is al eeuwen oud en altijd onderwerp geweest van discussie. Huist dit cryptozoöligische gevaarte nu wel of niet in de diepten van Schotland’s bekendste meer? Fantasierijke en controversiële vraagstukken als deze zijn vanzelfsprekend een dankbaar onderwerp voor filmmakers. Eerdere prenten over ‘Nessie’ waren echter van een tenenkrommend niveau. De vermeende dinosauriër werd vooral neergezet als een moordzuchtige Jaws kloon in geflopte horrorfilms als Beneath Loch Ness en The Loch Ness Horror. Regisseur Jay Russel gooit het met The Water Horse over een heel andere boeg. Al is de avontuurlijke fantasyfilm niet zo’n familiefilm als je in eerste instantie zou verwachten…

Het begin doet nochtans vermoeden dat je regelrecht een Disney productie in gestapt bent. Het verhaal volgt de jonge Angus MacMorrow (Alex Etel), die op een steenworp van Loch Ness woont met zijn moeder en zus. De papa van de knul is als geallieerde marinier op oorlog in Europa om de Duitsers terug te dringen en zoonlief heeft hier nogal onder te lijden. Hij trekt zich terug in zijn hobbyschuur om de dagen af te tellen en te kniezen over zijn eenzame bestaan zonder paps. Totdat Angus een reusachtig ei vindt waar al snel een schattig creatuur uitkruipt. Angus neemt het slijmerige mormeltje onder zijn hoede en bouwt een zodanige band met ‘Crusoe’ op dat hij pa ketelbinkie al snel vergeten is.

Het plot lijkt af te stevenen op een zoetsappige zwijmelfilm a la Babe, wat niet verwonderlijk zou zijn aangezien beide verhalen dezelfde schrijver hebben. Halverwege de film wordt het roer echter omgegooid en treedt een onverwachte grimmigheid op. De oorlog loopt als een rode draad door de film en komt in de tweede helft tot volle wasdom. Omdat Crusoe groeit als kool brengt Angus het dier naar Loch Ness alwaar de militairen hun kampementen hebben opgeslagen om Duitse onderzeeërs de weg te versperren. Wanneer ze een aantal waarschuwingssalvo’s in het water vuren raakt de inmiddels kolossale zwemgigant zodanig van de leg dat hij vijandig wordt tegenover zijn omgeving. Hulp van zijn baasje is geboden om al deze hectiek tot een goed einde te brengen…

Het moge duidelijk zijn dat we bij The Water Horse met een grote productie te maken hebben waar niet op de centjes is gelet. Niet voor niets werd het gelauwerde special effectsteam van de Lord of the Rings trilogie ingehuurd om het waterpaard tot leven te wekken. De opnamen van de prent vonden bovendien plaats in het natuurschone Schotland en Nieuw Zeeland en alleen deze gegevens zouden al genoeg moeten zijn om een dergelijk visueel spektakel in de bioscoop te gaan zien. De vraag is echter voor wie deze film precies bedoeld is. De duistere tweede helft lijkt, ondanks de kijkwijzerkeuring van 6 jaar, toch iets te veel voor tere kinderzieltjes en volwassenen zullen het verhaal wellicht te vergezocht of kinderachtig vinden. Een ander kritiekpunt is dat de film qua verloop wel heel erg in cliché’s grossiert, wat de onvoorspelbaarheid niet ten goede komt.

De overweldigende effecten en de interessante combinatie met de oorlog maken deze oude sage tot een moderne blockbuster die helaas net iets te braaf alle wetten van de filmtheorie doorloopt. Verwacht geen verrassende ontknoping of doordachte plotwendingen, maar met je verstand op nul zijn de spectaculaire beelden prima uit te zitten. Op 14 februari steekt dit knuffelbare meermonster haar kop voor het eerst boven water.

Trailer:






























